Dwangarbeid: protest, verzet, repressie en meer

dinsdag 9 september 2014

Dwangarbeid deugt niet, ook niet als het officieel niet zo heet. Dat geldt bijvoorbeeld voor de verplichting om werk te doen als ‘tegenprestatie’ tegenover een uitkering, of zelfs als verplichting van degene die een bijstandsuitkering heeft aangevraagd, ook al voordat die is toegekend. Tegen deze werkplicht-zonder-arbeidersrecht vindt al jaren kleinschalig protest en verzet plaats. Komende woensdag 10 september wordt deze strijd flink zichtbaar gemaakt met een Mars tegen Dwangarbeid in Amsterdam, op poten gezet door het  comité Dwangarbeid Nee. Goede zaak, en hopelijk wordt het zowel druk als luidruchtig levendig van woede.

Dat de druk die tegenover dwangarbeid wordt opgebouwd gezagsdragers en hun spreekbuizen nerveus maakt, blijkt her en der. Zo gooide afgelopen maandag een klantmanager iemand die als dwangarbeider te werk is gesteld uit het zogeheten Praktijkcentrum waar hij en andere dwangarbeiders werken. Dat gebeurde nadat de dwangarbeider het recht verdedigde om de flyer waarmee voor de mars tegen Dwangarbeid wordt opgeroepen, uit te delen en te bespreken. Het is maar één van de kleine en wat grotere pesterijen waarmee managers van dwangarbeid-locaties de mensen die er moeten werken, rustig en onderworpen proberen te houden. Zoals van zovele eerdere van dit soort botsingen,vind je een gedetailleerd verslag over de gebeurtenis op de website van Doorbraak, een organisatie die zich al jaren inzet om de zo noodzakelijke strijd tegen dit soort arbeidsrepressie te bevorderen en vorm te helpen geven. Feitelijk zijn dit soort pesterijen een teken dat dit verzet enig effect begint te hebben, dat de greep van managers minder totaal is dan voorheen, en dat ze daar nerveus van worden. Akelige repressie, maar ergens dus een goed teken.

Net zo zeer akelig, en net zo zeer een goed teken, is een nogal weerzinwekkend artikel van Martin Sommer in de Volkskrant, krant voor huichelachtig Nederland. Dat begint met een bespreking van hardhandige pogingen om “de zeshonderd Amsterdamse veelplegers van ‘high-impact’-delicten” op het zogeheten rechte pad te krijgen. Wat zijn dat voor delicten? “Type tabakszaak overvallen of oud vrouwtje beroven.” Opmerking: faillissementsfraude om personeel te lozen en met minder personeel een doorstart te maken over de ruggen van ontslagen mensen, dat is hier geen ‘high impact’- delict, vermoedelijk omdat hier tientallen tot honderden mensen tegelijk de dupe zijn, wat natuurlijk minder impact heeft dan als per keer één of twee mensen de dupe zijn. Logica, nietwaar?

De aanpak van de “top 600” waar Sommers Zich druk maakt bestaat uit dwangarbeid onder straffe leiding van een stevige ex-marinier. Dat zal de jongelui leren, zo staan ze tenminste een keer op tijd op. Want ja, al die veelplegers hebben een uitkering, zoals Sommers opmerkt. Die veelplegers zijn trouwens ook “allemaal Marokkanen, Surinamers of Antillianen.” Natuurlijk. Witte mensen die beroven, vinden hun weg een stuk makkelijker naar boven en slaan dan hun slag wel in het zakenleven of, als ze hun gewelddadigheid niet onder controle weten te houden, als leden van arrestatieteams van de politie. Of misschien worden ze wel ‘journalist’ a la Sommers. Die meldt er trouwens bij dat die ex-marinier “oudgediende op Curacao” is. Repressie van mensen die vor een aanzienlijk deel hun wortels in koloniën hebben doe je natuurlijk bij voorkeur via iemand met koloniale ervaring en expertise. Alles klopt.

Hard aanpakken natuurlijk, die kleine jonge en zwarte criminelen! Begrip voor omstandigheden, inzicht in discriminatie en hoe dat mensen zodanig de goot in kan trappen dat sommigen van hen met agressief en antisociaal gedrag reageren, dat hoeft van Sommers allemaal niet, dat is maar progressieve theedrinkerij. De jongelui moet maar eens verantwoordelijkheid worden bijgebracht, en dat gaat nu eenmaal nooit erg zachtzinnig. Verplichte arbeid onder leiding die tucht doet zegevieren, Sommers ziet er veel in. Weg met het linkse pappen en nathouden!

Nadat hij zo een paar alinea’s is doorgegaan generaliseert hij onverhoeds naar een veel bredere groep dan de zeshonderd mensen die dwangarbeid doen in een aartsconservatieve aanpak om ze uit hun criminele loopbaan te treiteren. “We moeten perspectief bieden aan iedereen”, zo schrijft Sommers. “Toch vinden we het idee van dwang en eenvoudig werk voor velen een belediging. Maar wat schieten bijstandstrekkers e er mee op om op de bank te zitten, al dan niet met een blok hasj?” Nu gaat het opeens niet meer om zeshonderd ‘veelplegers’. Nu gaat het opeens om bijstandsgerechtigden in het algemeen! Die kunnen wat Sommers betreft kennelijk allemaal wel wat dwang en eenvoudig werk gebruiken.

Dan komt zijn uitsmijter. “Sommige idealisten voelen zich daar (bedoeld is kennelijk bij het feit dat bijstandsgerechtigden “op de bank blijven zitten”, PS) voortreffelijk bij, getuige de demonstratie van woensdag a.s. In Amsterdam, onder de noemer Dwangarbeid Nee.” Aha! Het hele artikel is een aanloop om die demonstratie af te zeiken! En dat naast de SP ook “godbetert de FNV” de actie steunt, bevalt hem helemaal niet. “Het zal je bond maar zijn”, zo luidt de slotzin. Ja, een vakbond die enigszins voor werkende mensen opkomt, dat gaat natuurlijk wel erg ver.

Zo heeft Sommers over de ruggen van een beperkte groep tegen wie het makkelijk maar laf scoren is, héél het idee van dwangarbeid voor álle mensen in de bijstand aannemelijk proberen te maken. In het voorbijgaan schuwt hij , door met nadruk de etnische achtergrond van de zeshonderd te noemen, het racisme bepaald niet. Misselijk is het.

Gelukkig is het argument tegen werken-voor-je-uitkering vrij simpel, zo simpel dat zelfs een Volkskrantjournalist het zou moeten kunnen begrijpen. Werk is helaas nog een noodzaak. Dat is al erg genoeg. Tegenover die noodzaak hebben werkenden en solidaire mensen met hardnekkig verzet weten af te dwingen dat ze rechten hebben. Een minimumloon, stakingsrecht, het recht om collectieve arbeidsovereenkomsten met de bazen af te sluiten, dat soort zaken. Bijstandsgerechtigden hebben geen baan. Als het mogelijk is om ze te laten werken, dan horen daar de genoemde arbeidsrechten onverbrekelijk bij. Dan hoort er minimumloon bij, stakingsrecht, onderhandelingsrecht, de hele door arbeiders bevochten en veelal wettelijk erkende rechtspositie van arbeiders. Werk opleggen zonder die rechten te respecteren is, ja inderdaad, dwangarbeid.

Werk verplichten mét toekenning van die rechten, maar met voorbijgaan aan wat mensen werkelijk met hun leven willen doen, deugt trouwens ook al niet. Het hele arbeidsethos mag goed en drastisch op de helling, wat mij betreft. Dwangarbeid gaat echter nog een wezenlijke stap verder in de verkeerde, autoritaire richting. Weg ermee. En mijnheer Sommer, dank u wel dat u in uw nare, hetzerige artikel melding maakt van en dus enige extra ruchtbaarheid geeft aan de zo noodzakelijke Mars tegen Dwangarbeid.

Peter Storm

Noot 9 september 06.39: enkele woorden verbeterd, dankzij een alerte meelezer (thanks 🙂 )