“Koopkracht en echte banen”: indrukken van klassieke vakbondsactie

zaterdag 30 november 2013

Er waren broodjes van de bonden. Er was soep van de SP. Er waren kranten en pamfletten van allerhande linkse en radicale groepjes, waaronder de Vrije Bond waar ik deel van uitmaak. Er waren vlaggen, er waren spandoeken. Er was politie, maar niet zo veel, en veelal op afstand. En er waren demonstranten. Er waren best véél demonstranten. Het was een klassieke vakbondsmanifestatie, en in zijn soort best een mooie ook. Dat lag niet aan de opzet. Dat lag aan de deelnemers van die FNV-manifestatie “Koopkracht en echte banen” , afgelopen middag in en om de Jaarbeurs in Utrecht.

Toen ik rond 10 uur uit het station richting ingang Jaarbeurs liep, zag ik al her en der mensen aan komen lopen, al snel letterlijk met busladingen tegelijk. Ik had met vier anderen afgesproken om pamfletten van de Vrije Bond uit te delen. Eén ervan was daar al druk mee bezig, ik deed hetzelfde, en dat ging snel, zeker toen ook de anderen waren gekomen. We stonde bij de ingang, waar ook de Internationale Socialisten (IS) al aan de slag waren, met borden, krant, pamfletten en een kraam met ander leesvoer. Ze waren zo ter zien met een flink aantal mensen, 15 tot 20, duidelijk in hun element in dit vakbondsland. Socialistisch Initiatief, een andere trotskistische groep met een krant, was er ook, meen ik gezien te hebben, net als de old-skool’-communistische’ NCPN waarvan ik later ook enkele vlaggen zag. Later zag ik dat ook de maoïstische Rode Morgen werd verspreid.

En wij zorgden met ons Vrije Bondspamflet dus voor een anarchistische papieren inbreng. Het merendeel van onze duizend pamfletten was binnen het uur weg. Titel van ons pamflet: “Strijd en solidariteit: waar wachten we op? Strekking: ondernemers en staat zijn geen overlegpartners maar tegenstanders; die moeten we verslaan door solidariteit en directe actie, door ze met staking te “raken waar het pijn doet: in hun winsten”. In het verlengde van deze strijd ligt de strijd voor een ander soort maatschappij, een maatschappij van vrijheid en solidariteit. Wat mij betreft basale kernpunten in de sociale strijd, die haaks staan op de vakbondsaanpak die effectieve strijd blokkeert, inkapselt en daardoor verzwakt. Het doorbreken van die vakbondsaanpak, onder meer via pamfletten als deze, zie ik als noodzakelijke anarchistische inbreng als vakbonden manifestaties als deze organiseren en de strijd die daar gevoerd wordt meteen al inperken – als actievoerders die aanpak niet zelfstandig en effectief doorbreken. In dat doorbreken hebben anarchistische inzichten hopelijk hun nut.

De manifestatie zelf bestond uit meerdere onderdelen. Eerst een hele reeks bijeenkomsten van diverse sectoren, rond diverse thema’s. Die waren gelijktijdig, dus je moest kiezen. Daarna pauze, in de mega-hallen in het Jaarbeursgebouw beneden. Daar waren dus die broodjes waarvan ik al repte, en koffie/ thee. Aansluitend muziek en sprekers. Tenslotte een demonstratieve optocht.

Samen met mensen waarmee ik flyers had uitgedeeld ging ik naar de bijeenkomst waar het over zonder loon – ‘vrijwilligerswerk’ voor een uitkering oftewel dwangarbeid- werd gesproken. Op die bijeenkomst waren iets van honderd mensen, misschien meer. Een deel van de samenkomst was ook ingeruimd voor problemen rond het UWV die haar website niet op orde heeft, maar mensen die daardoor te laat iets invullen, wel met sancties treft. Schrijnende en bespottelijke toestand. Daarop volgde dus de dwangarbeidstoestand. Zes mensen die het aan den lijve hadden ondervonden – waaronder drie met T-shirt aan van het Comité Dwangarbeid Nee – t vertelden hun verhaal. Daarna inbreng vanuit de zaal, maar dat was vrij frustrerend door de opzet van de meeting. De hele zaak werd aan elkaar gepraat door een vrouw en een man, die de zaal af een toe toespraken alsof we kinderen waren. Het is een soort ouderwets bevoogdend onderwijzerstoontje waar vakbondsbestuurders patent op lijken te hebben. Ons werd aanmoedigend verteld wanneer we moesten klappen, en voor wie. Heel irritant. We mochten reageren op voorgelegde stellingen, door vellen papier die we gekregen hadden omhoog te houden. Groen als je vóór was, rood als je tegen was, oranje als je het niet wist. De kleur van de monarchie als kleur van twijfel blijft natuurlijk wel aardig, maar dat is weer een ander verhaal.

De verhalen van betrokken zelf waren treffend, soms aangrijpend. Sommige statements uit de zaal waren dan ook. Maar van een werkelijke uitwisseling van meningen, van echte discussie over hoe we deze dwangarbeid gingen bestrijden met actie, was geen sprake Het was een top-down-gebeuren, kennelijk als peptalk bedoeld, en als een soort van show van ondersteuning, mocht de bond echt serieus werk van het thema maken. Dat de FNV – zo begreep ik van iemand – als officiële beleidslijn nog steeds accepteert dat mensen drie maanden zonder loon aan de slag gezet mogen worden in een uitkering, als dat aanzet is tot betaald werk, is een zwaktebod, en wringt met het vertoon van inzet rond dit thema dat we op deze bijeenkomst zagen. Ik heb zelf kort nog iets kunnen zeggen, iets dat neerkwam op: één minuut dwangarbeid is er één te veel, en als ze mij – baanloos, in de bijstand, met een lichte arbeidshandicap – volgend jaar richting deze dwangarbeid duwen, dan weiger ik. Dat kreeg applaus, net zoals andere bijdragen.

Na het eind van de meeting deelden we resterende pamfletten uit, gingen de vermaarde bondsbroodjes nuttigen, en werden vervolgens toehoorders van mensen die uit allerlei sectoren nu op een centraal podium het word voerden. De spreekster van de schoonmakers die in 2010 en 2012 lang en fel en opvallend zichtbaar hebben gestaakt en gedemonstreerd, maakte vrij veel los en was ook indrukwekkend. Na vakbondsspre(e)k(st)ers was het podium echter voor … minister en vicepremier Asscher! Wie verzint zoiets: de tegenstander op het podium halen en ons laten toespreken? Gelukkig was ik bepaald niet de enige die luid boe riep, Oprutten, en meer van zulks. De stemming kwam er aldus goed in, en misschien dacht de organisatie ook wel dart een ministerieel optreden een goede manier was om woede los te krijgen die zich via de optocht vervolgend gecontroleerd kon ontladen. Ook dan zou het een cynische manipulatie zijn, en sowieso hoeft een manifestatie tegen bezuinigingsbeleid toch geen podium te geven aan iemand die dat bezuinigingsbeleid juist doordrukt?! Ik denk niet dat de Griekse vakbonden zich dit soort onzin zouden kunnen permitteren, daar zou een minister zonder pardon door woedende betogers van het podium zijn gejaagd. Terecht.

Terwijl dit zo gaande was, had ik inmiddels op het videoscherm – je kon volgen wat er op het podium gebeurde ook als je het podium niet kon zien – enkele zwart-rode vlaggen zien wapperen. Na enige tijd zag ik ze real live ook. Ik dacht: geestverwanten! Erheen, en ja hoor. Vanaf dat moment bevond ik me in het plezierige gezelschap van overwegend jonge mede-anarchisten, deels van de Kritische Studenten Utrecht met hun mooie paarse spandoek dat ik tijdens de optocht ook enige tijd eb helpen vasthouden, met mijn gebruikelijke onhandigheid uiteraard.. Met deze groep mensen hebben één van mijn mede-flyeraars en ik dus vervolgens ook de optocht samen gelopen. Van één van de andere vlaggendragers kreeg ik een stok te leen, zodat ook ik de anarchosyndicalistische kleuren kon doen wapperen.

Maar eerst was er nog FNV-voorzitter Heerts en zijn toespraak. Die vond ik nogal smekend, hij wilde wel overleggen en desnoods nog een keer, maar als het dan werkelijk niet anders kon, dán maar actie. Als we dat nu eens omkeren, denk ik dan. Eerst actie tot we hebben gewonnen. Daarná misschien capitulatiebesprekingen waarin de ondernemers de bedrijven aan arbeiders overdragen, en de regering zichzelf ontbindt, in ruil voor een vrijgeleide naar Saoedi-Arabië als daar de lente tenminste nog niet is doorgebroken. Maar nee. De polderkolder heeft haar greep op de vakbondsbestuurders bepaald niet prijsgegeven.

Maar na die toespraak mochten we dan eindelijk gaan lopen. Eerst traag richting uitgang. Daarna een rondje door straten pal náást de binnenstad. Veel mensen. Ik weet niet hoeveel, maar het moeten er zeker duizenden zijn geweest. Ik hoorde dat vanaf het podium hoorde ik het aantal van 9.000 aanwezigen in het Jaarbeursgebouw was genoemd. Dat getal staat inmiddels ook op de website van de manifestatie. Dat was boven in ieder geval mijn verwachting. Veel vlaggen en spandoeken, voor het overgrote deel vakbondsmateriaal, van de actie zelf of van afzonderlijke bonden. Ook duidelijke SP-aanwezigheid maar dat heb ik wel eens uitbundiger gezien. Waren veel SP-ers eer wel, maar hadden ze hun partij-signatuur voor de gelegenheid vervangen door vakbondsoutfit of zo? Aardig wat IS-borden. Ik zag één vlag met de kop Che Guevara erop Weinig thuis vervaardigd actiemateriaal, wat ik altijd wat jammer vind want juist dat zelfgemaakt spul is vaak erg treffend en vermakelijk. Bovendien: meer van dat materiaal duidt op zelfstandig, niet door bonds- of partijbestuur eigen initiatief, en dat is gezond. Maar eerlijk is eerlijk, ik droeg ook standaard- , niet-zelfgemaakte rood-zwarte vlag, geen uiting van zelfwerkzaamheid en creativiteit.

Toch zat er in de vakbondsmenigte wel degelijk leven, flinke opgewekte authentieke woede. Maar het geloof dat ‘onze bonden’ ook echt campagne voeren voor ‘onze belangen’ was wel overwegend. Ik voelde, buiten de radicale netwerken waar ik deel van uitmaak, weinig tekenen dat die woede zich ook tegen een te tam opererend vakbondsbestuur richtte. Volgens mij waren verreweg de meeste aanwezigen in grote lijnen best tevreden over hun bond. Dat maakte de oprechte inzet niet minder. Maar het is wel iets om in het achterhoofd te houden als we meer willen dan wat bondsbesturen aanvaardbaar vinden. Want voor spanning tussen arbeiderswoede en bondsopstelling is wel degelijk reden. Het geregisseerde top-down-karakter van de bijeenkomst waar ik aan deel had, duidde daar al op.

De optocht zelf gaf een volgende illustratie. Sowieso is er – voor ving ik op – die optocht er pas gekomen op initiatief van gewone vakbondsleden zélf, niet van hogere bondsbestuurders die er onder druk in meegingen. Serieus actievoeren is niet wat zulke bondsbestuurders graag en snel doen. De route van de optocht was een volgens veeg teken. We gingen vanuit de Jaarbeurs niet links en dan rechts, de binnenstad in. Nee, we gingen rechts – Croeselaan, meen ik – en liepen maar en liepen maar. Vervolgens links, weer links en nogmaals links… en de Croeselaan terug. Woonwijken, vrij stille straten, wat winkels. Bezopen route! Je wilt als betoger toch opvallen, gezien worden door zoveel mogelijk omstanders? Je wilt op zaterdag d toch de binnenstad in met zo’n optocht? Wie had dit bedacht? Als het de organisatie zelf was, dan hebben die de optocht echt puur vorm gegeven op een zo slap mogelijke manier, zo onopvallend mogelijk, gene tastbare vuist maar stoom afblazen waar we niemand voor de voeten liepen. Het is waarschijnlijker dat de gemeente – dat wil ook zeggen: de politie – de organisatie zo ongeveer heeft opgedrongen of opgelegd. Maar waarom is de organisatie akkoord gegaan? Zo geef je feitelijk je demonstratierecht prijs, of beter gezegd, zo geven bondsbestuurders het demonstratierecht van gewone bondsleden en medestanders weg. Afbraakbeleid stop je niet met dit soort meegaandheid.

De politie was klaarblijkelijk zeer tevreden over die meegaandheid, want die was niet overdreven opvallend aanwezig. Hier en daar een paar agenten, een enkele politieauto. Geen met ME-linies afgezette toegangswegen tot het centrum bijvoorbeeld. Op één kruispunt waar we richting binnenstad zouden kunnen afslaan maakten we – de groep met het KASU-spandoek en roodzwarte vlaggen waar ik intussen dele van was – enig ongenoegen kenbaar door stil te staan tegenover de politie,  “A-Anti-Anticapitalista!” te roepen, in een soort gebaar van : we vinden dat we wel degelijk die kant op mogen lopen, we accepteren niet dat de politie dat tegenhoudt. Meer dan een gebaar werd het niet, animo om zich bij de groep te voegen en het gebaar te verstevigen, was er niet. De meeste vakbondsdemonstranten vonden het blijkbaar wel prima, en hadden geen merkbare honger naar méér. Nog niet, zo mag ik hopen.

In de optocht zat wel veel leven, en we deden vanuit het KSU-anarcho-groepje ons best om leuzen in te brengen. Eén heb ik er al genoemd: A-Anti-Anticapitalista! Eerst wat stroef, later soepeler, kwamen er meer los. Als je de zorg niet kan betalen, SLUIT JE AAN! Als je Rutte ook zo zat bent SLUIT JE AAN. 1 2 3 4 5 6 7, waar is onze poen gebleven? Hij is niet hier, hij is niet daar, allemaal naar Wassenaar; Nee, wij gaan de crisis niet betalen, ga het geld maar bij de rijken/ banken halen; Belast de rijken (door mij gevarieerd in beroof de rijken…); We are hungry – eat the rich! 1 2 3 4, weeat the rich and feed the poor, 5 6 7 8, ortganize and smash the state; Hey ho kabinet, jullie worden afgezet! One solution, revolution, Staken staken, het kabinet moet kraken; Bezet, blokkeer, dit beleid pik ik niet meer; Onze zorg – NIET TE KOOP, Onze scholen, NIET TE KOOP, ons OV, NIER TE KOOP; , onze wijk, NIET TE KOOP. Een flink deel van de optocht liepen we achter een pittige groep mensen uit de zorg. Vecht, vecht zorg is ene recht, riepen we, en Jullie strijd, onze strijd:, riepen we, naast Hun strijd, onze strijd , internationale solidariteit. Ik heb ze niet allemaal maar dit is een greep.

Op een gegeven moment hield ons groepje met spandoek halt en ging naast de voorbij stromende optocht staan, terwijl we leuzen bleven riepen. We wilden later weer invoegen, bij de groep demonstrerende schoonmakers, omdat daar meer leven in de demonstratie zat. En ja hoor, daar kwamen ze aan, met indrukwekkend spandoek, met een trommelaar en een gitarist voorafgaand aan de grote stoet. En wat voor groep! Vijftig, honderd zeer enthousiaste mensen, mannen en opvallend veel vrouwen, ook opvallend veel migranten. Mensen van ons groepje had zich eerder ingezet voor s de schoonmaakstakingen, er waren dus al banden. Schoonmakers zagen ons, wij hun, Ze hielden stil , lachten en juichten ons toe en wij hun. Een wederzijds betoon van solidariteit waar ik het weer warm van krijg nu ik het probeer te beschrijven. We voegden ons weer in de stoet, en zo liepen we het laatste tuk van de optocht terug naar de Jaarbeurs.

Daar praatten we wat na, terwijl de staart van de stoet ook binnenkwam. Hekkensluiters: een groep achter een spandoek, met daarachter onder meer Emile Roemer, de SP-chef. Opmerkelijke plek in de demonstratie. Misschien dat partijstrategen daar het concept ‘Achterhoedepartij’ aan het uitproberen zijn? Of had Roemer een seintje gekregen van FNV-kopstukken dat hij zich een beetje bescheiden doende op te stellen om de lijntjes die de FNV met SP-rivaal PvdA niet al te zeer te belasten?

Even later echter liet de SP zich van haar nuttige kant zien door, inderdaad, de spreekwoordelijke tomatensoep uit te komen delen. Toen was de optocht voorbij, en snel erna ging het voor mij treinwaarts en huiswaarts. Met een zeer plezierig gevoel. Ik had van te voren helemaal niet verwacht dat dit meer zou worden dan een tamelijk plichtmatige, tamme, bureaucratisch geregisseerde vertoning met misschien een paar duizend mensen. Bureaucratisch geregisseerd was het inderdaad. Maar tam en plichtmatig was het niet en dat lag aan de vele demonstranten die sfeer maakten, strijdbaarheid lieten merken en de actie ondanks opgelegde vakbondsbeperkingen tot iets sterks en iets waardevols hebben gemaakt -iets dat roept om een serieus, minder geregisseerd en meer door demonstranten zelf op touw gezet vervolg.

*****

Nadat ik het bovenstaande schreef, heb ik nog even wat media besnuffeld via internet. Heel groot is de oogst niet, zeker als je bedenkt dat dit een relatief grote vakbondsmanifestatie was.Een Volkskrantartikel noemt het aantal deelnemers: “ruim 9000 mensen”. Het stuk richt zich vooral op het uitfluiten van minister Asscher. De NOS heeft ook een stukje online. “Zo ’n 10.000 leden van de vakbond FNV hebben vanmiddag  in Utrecht actiegevoerd”, zo staat daar. Nee, het waren niet allemaal FNV-leden. Maar dat genoemde aantal is wel mooi.

Peter Storm

6 thoughts on ““Koopkracht en echte banen”: indrukken van klassieke vakbondsactie

  1. Peter,

    Met veel plezier en instemming heb ik jou artikel gelezen. Wat een klasse schrijver ben jij. Helder en een scherp oog hoe de verhoudingen liggen. Dank je.

  2. Beste Peter,
    Ik heb je column “Partij van de dwangarbeid” gelezen. Ik wilde reageren, maar het lukte niet op die pagina. Wij noemen bij ons thuis de PvdA al sinds tijden Partij voor de Armoede. Ik vind dat je goed schrijft en je hebt natuurlijk gelijk. Heb je deze al gelezen? http://www.maartenonline.nl/nl/artikel/28468/de-verzorgingsstaat-werkt.html
    Ik dat al deze onzin voornamelijk komt doordat de bevolking helemaal niets weet van politiek. Ze snappen er echt waar helemaal niks van. Ik ben niet bang om wildvreemden aan te spreken, en vraag ze vaak op welke partij ze stemmen. Dan zeg ik dat ik ze niet kwalijk neem als ze PVV stemmen, want dat ze het niet kunnen weten. Dan geven ze toe: ik stem PVV. Als ik ze vertel dat Geert 15 jaar lid van de VVD was, is PVV geen optie meer, maar wordt het SP. Informatie is alles.

  3. Beste Peter,

    Een mooie samenvatting van een actieve dag.

    Inderdaad, ik miste ook de media-aandacht achteraf. Helaas mogen wij constateren dat de PvdA teveel macht heeft in die groep.

  4. Ha Peet, bedankt voor het verslag, erg fijn te weten hoe het was. Goed gedaan en goed dat jullie zijn gaan flyeren!

Comments are closed.