Gough Whitlam en de doodlopende parlementaire weg

dinsdag 21 oktober 2014

Gough Whitlam is op 21 oktober op zeer hoge leeftijd overleden. Ik kan me indenken dat deze naam veel van de lezers van dit artikel weinig zegt. De man was echter eerste minister van Australië in de jaren zeventig van de vorige eeuw, en is is mee verantwoordelijk voor een reeks progressieve hervormingen. Aan diens korte ambtstermijn kwam een einde door een soort van staatsgreep. Als we willen laten zien dat sociale verandering via wetgeving en parlementaire arbeid ontoereikend is omdat de kern van de macht niet bij gekozen politici ligt en dus ook niet via die politici gebroken kan worden, dan is de loopbaan van Whitlam geen slecht illustratiemateriaal. Continue reading

Dag tegen Armoede: indrukken van actie en samenkomst in Tilburg

zondag 19 oktober 2014

Het zal niet bij iedereen bekend zijn maar 17 oktober is ooit uitgeroepen tot jaarlijkse dag tegen armoede. In Tilburg is dat kracht bij gezet met een demonstratieve optocht en aansluitend een maaltijd, gevolgd door een manifestatie met debat, sprekers, poëzie en muziek. De zaak  was voorbereid en op poten gezet door Georganiseerde Weldaad, met medewerking van allerhande mensen waaronder ook van de Tilburgse Anarcho Sociëteit waaraan ik zelf mee doe. Een aardige opkomst en een goede sfeer kenmerkten de actie, het maandenlange werk was duidelijk niet vergeefs. Continue reading

Koerdische strijd, imperialisme en solidariteit: een reactie op David Graeber

vrijdag 17 oktober 2014

Onderstaand artikel schreef ik als discussiestuk/ reactie voor op de website van Doorbraak. Daar staat het al te lezen.Veel van de argumenten in mijn serie ‘Foute oorlog tegen foute club’ komen er in terug;  ik heb mijn voordeel proberen te doen met de kritische opmerkingen die ik daarover van diverse mensen heb gekregen en hier en daar geprobeerd wat nauwkeuriger, beter gericht en iets minder ruw te formuleren. Dank, kritische meelezers.

Koerden in Kobani voeren een desperate strijd tegen de oprukkende moordbrigades van Islamitische Staat (IS). De verdediging dwingt bewondering af, en oproepen om deze strijders te hulp te schieten en een dreigende massaslachting te voorkomen weerklinken inmiddels luid. Dat deze Koerden solidariteit verdienen is helder. Hoe die solidariteit er uit moet zien, is lastiger vast te stellen, en niet elke oproep in die richting is even sterk. Dit soort zaken kijkt nauw als we althans niet in verkeerd vaarwater willen belanden. Met zijn intussen geruchtmakende artikel artikel “Why is the world ignoring the revolutionary Kurds in Syria?”  loopt David Graeber dat risico. Helaas, want het gevoel van urgentie waar het stuk blijk van geeft, is maar al te terecht. Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (7 en slot): Wat dus niet en wat dan wel?

woensdag 15 oktober 2014

Deel 7 en slot van deze serie

Wat we zien rond Kobane is een cynisch spel. Door zo lang te wachten heeft de VS feitelijk aan Syrische Koerden laten weten: jullie hebben ons nodig om te overleven. Door met vertraging toch Kobani te helpen redden, profileert de VS zich alsnog als beschermer van arme Koerden, zoals de VS zich met haar luchtaanvallen op Libië in maart 2011 als grote beschermer van Benghazi profileerde. Dat sommige Koerden blij zijn met zo ‘n redding, zoals sommige Libiërs destijds blij waren met de hunne, is logisch. Maar de VS legitimiteit toekennen voor dit soort reddingsoperaties is levensgevaarlijk, omdat de VS die legitimiteit gebruikt voor haar eigen economische en strategische belangen. Aan die belangen is humanitaire inzet ondergeschikt, en het redden van mensenlevens is tegelijk een vorm van PR, geen doel op zich. Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (6): Koerden klem tussen IS-terreur en imperiale manipulatie

dinsdag 14 oktober 2014

Intussen blijft de vraag van David Graeber in zijn intussen roemrucht geworden Guardian-artikel om antwoorden vragen: Waarom negeert de wereld de Koerden in Syrië? In het vorige deel stelde ik al dat de vraag zelf niet klopte. De Koerden van Kobani worden niet genegeerd. De Koerden van Kobani worden actief tegengewerkt door Turkije, gemanipuleerd tot ondergeschiktheid door de VS. Gelukkig worden ze ook daadwerkelijk gesteund door anarchisten uit Turkije en elders, die een solidariteitscampagne op touw hebben gezet in het grensgebied. Voordat ik verder ga over Turkse tegenwerking en Amerikaanse manoeuvres eerst maar even met nadruk: die anarchistische steuncampagne verdient steun.
Nu verder over de machtspolitieke dimensies, in hopelijk het één na laatste deel van deze vrijwel onbeheerst voortwoekerende serie… Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (5): Stalingrad 1943, België 1914, Koeweit 1990…

maandag 13 oktober 2014

Zoals de Spaanse confrontatie in 1936 mee werd beslist door de houding van de grote mogendheden van toen, zo wordt de gang van zaken in Syrië bepaald door bondgenootschappen waarin niet de revolutionaire Koerden van Rojava doorslaggevende zijn, maar de VS, haar alliantie van F16-assistenten en reactionaire regionale bondgenoten. Als de hele oorlog er één was van Rojave en haar Koerdische strijders enerzijds, de IS en haar strijders anderzijds, dan was de keus doodsimpel. Maar de strijd om Rojava is in de oorlog tussen IS en haar vijanden slechts een veldslag, een episode, onlosmakelijk met die grotere oorlog verbonden. De Koerdische strijd aldaar de rug toekeren is onsolidair. De Koerdische strijd daar simpelweg aanprijzen zonder iets over die bredere context te zeggen glijdt te makkelijk richting deelnemen aan een imperialistische campagne die geen steun verdient, en waar ook die Koerdische vrijheid niet mee gediend is. Deel vijf van een serie, nog twee te gaan… hoop ik… Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (4): Spanje 1936 en een gevaarlijk eenheidsidee

zondag 12 oktober 2014

De vergelijking die David Graeber maakt tussen Spanje 1936 en Syrië 2014 – zie deel drie van deze serie – heeft een  zeer dubieuze kant. Feitelijk impliceert hij: de fascisten van destijds zien we terug in IS nu, en zoals er toen een revolutionair, antifascistisch kamp was, zo dient dat er nu ook te zijn. Zoals Franco de revolutie in Barcelona neersloeg, zo dreigt IS de revolutie in Rojava te verpletteren. Zoals de wereld toen toekeek, zo kijkt de wereld nu ook toe. Maar dat beeld klopt dus niet. Er was geen eendrachtig revolutionair antifascistisch kamp dat zich schaarde achter de Spaanse republiek tegen Franco’s generaals. Er was een bovenal revolutionair kamp dat zich richten tegen kapitalisme en staat, in haar fascistische én antifascistische vorm. En er was een bovenal antifascistisch kamp dat zich minstens zozeer tegen het revolutionaire kamp richtte als tegen het fascisme. Beiden vochten tegen Franco. Maar ze vochten op leven en dood ook tegen elkaar. En dat gevecht was geen bijzaak. Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (3): Rojava, revolutie en de PKK

zondag 12 oktober 2014

Diverse linkse reacties op het beleg van Kobani weerspiegelen en ondersteunen de illusie dat Westers ingrijpen tegen IS wenselijk is. Dat gebeurt veelal indirect en mogelijk ook zonder dat het de bedoeling is. Opvallend in dit verband is het stuk van David Graeber in de Guardian, inmiddels vertaal door Hydra Ensemble als “Waarom negeert de wereld de revolutionaire Koerden in Syrië?” . Deel drie alweer van een serie. Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (2): Vergissingen, oorlogsmisdaden en noodweer

zaterdag 11 oktober 2014

Deel twee van een serie.

Wie denkt dat de Westerse luchtaanvallen enkel IS-strijders en hun wapentuig raken, negeert de ervaringen met soortgelijke militaire campagnes vanuit de lucht, op Irak in 1990-91 en 2003, op Afghanistan van 2001 tot en met 2014, drone-aanvallen op Jemen en op Pakistan. Die komen volgens mensenrechtengroeperingen in sommige gevallen neer op oorlogsmisdaden. Continue reading

Foute oorlog tegen foute club (1): links ongemak en Westerse medeplichtigheid

zaterdag 11 oktober 2014

De wrede moordenaars van Islamitische Staat (IS) belegeren Kobani, en dreigen een nieuwe slachting aan te richten. Dat leidt tot een groeiende oproep om iets te doen, wat dan ook, om de mensen in die belegerde plaats te redden. De emotie daarachter is logisch. De mensen daar verdienen het om gered te worden, IS verdient het om verpletterend te worden verslagen. De vraag is echter: hoe? En in wiens handen leggen we die taak? Juist in linkse en radicale kringen waar de drang om hoe dan ook iets te (laten) doen voor de bedreigde Koerden om zich heen grijpt, is grote helderheid hieromtrent noodzakelijk. Deze helderheid ontbreekt nagenoeg. Daardoor gaan oproepen om iets te doen al heel snel in de richting van oproepen aan de grote mogendheden om haar oorlog in de regio verder op te voeren. Dát soort oproepen zijn echter, in de meest letterlijke zin van het woord, levensgevaarlijk. Deeltje één van maar weer eens een serie. Continue reading

Tagged